Klauw in de oogbal

Posted on maandag. 30 mei 2011

12


“@_kouw “Mensen die een klauw in hun oogbal verdienen: een middellange lijst” is waarschijnlijk geen @_kouw -onderwerp he? ;-)”
Dit tweette Logpoes terug toen ik een noodkreet had geuit. Ik kon na vijf dagen non-stopbloggen ineens helemaal niets meer bedenken. Maar het schrijven over een klauw in iemand’s oogbol en dan voornamelijk waarom, daar uit ik mijn frustraties wel mee, maar doe ik er niets aan.
En ik word er ook niet vrolijker van.

Waar word ik dan wel vrolijk van?

Tsja, kroelen met TW. Kroelen met Baardmans. Van gezelligheid bij leuke visite. Ik word blij van het kijken van niet-zo-bijster-intelligente YouTube filmpjes (hoogtepunt van gisteren: “Be careful, if you stab yourself it can really hurt.”). Het #LCF in haar voltalligheid in mijn huis alwaar ik dan pizza’s en kaneeltoast improviseer.

Maar zaterdag en zondag werd ik tweemaal even gefronteerd met iets waar ik een beetje om huilen moest en erg over moest nadenken.

Zaterdag was het de grote ‘Baardmans viert zijn verjaardag’-dag. Een fikse hel, waar ik me moedig doorheen sloeg. Ik kocht een HEMA taart, ik sloeg verjaardagssnacks in en bleef vriendelijk tegen alle visite, ook tegen mijn schoonmoeder die besloot haar taartje te prakken.

’s Avonds las ik een artikel over ‘Hoogsensitieve Personen’ en volgde de checklist. Ik barstte spontaan in janken uit. Want ik herkende me in meer dan twintig van de vijfentwintig punten.

“Maar wat wil je er dan nu mee?” vroeg Baardmans eerst en een lieve vriendin later. “Niks. Ik ben gewoon blij dat blijkt dat ik niet gillend gek ben.” antwoordde ik.
Het was nog waar ook. Over die gekte schrijf ik nog wel eens een ander blogje en verwijs ik je naar de ‘jankebel’ entry.

Zondag kwamen mijn zusje met haar gezin. Haar jongste is drie maanden ouder dan TW. Het is een grappig kereltje dat al een beetje kan lopen als je hem bij zijn handjes vasthoudt. Mijn nichtje is al vier. Ze is eigenwijs, stoer en ontzettend lief en ze wil overal bij helpen. Koffiezetten met de Senseo: zij drukt op het knopje en verwisselt de pads. Lege glazen verdwijnen linea recta naar het aanrecht. Een hydrofiel wordt handig uit de luiertas getrokken. Ook als je hem niet nodig hebt.

Ze kent me. Zij ís me. Mijn moeder noemt haar met grote regelmaat bij mijn naam. Dan reageert ze ook nog. Gisteren mocht ze mee naar de snackbar. Ze bleven allemaal eten, dus moesten we naar buiten om dat te regelen en ze hield mijn hand vast, ook al liepen we op de stoep. Van mij hoefde ze geen hand te geven: ze deed het uit zichzelf. Ik vond het fijn.

Na het eten vroeg ze: “Taaahaaant(e)? Wanneer ga je verhuizen?” Ik antwoordde: “We gaan niet verhuizen, wij blijven nog een poosje hier wonen.” “Oh. Ga je nog wel eens verhuizen?” “Misschien wel. Waar wil je dan dat we heen verhuizen?”

Ik verwachtte dat ze: “Nonna huis” zou zeggen, het grote huis waar zij woont met haar ouders en mijn ouders, haar opa en oma. Maar ze zei iets heel anders.

“Buitenland!” Ze lachte breed.

Zo’n kind toch… We hebben er maar om gelachen. Wat doe je anders. Het deed wel een beetje pijn. Zoals een klauw in je oogbal.

Advertenties
Posted in: Uncategorized